Van de landmacht waren eenheden van de kustartillerie, infanterie en luchtdoelartillerie in de Hoek gelegerd. Het zwaartefront van de verdediging was uiteraard de kust/ingang van de Nieuwe Waterweg en Harwichsteiger, maar de infanterie was ook verantwoordelijk voor de verdediging van de landzijde.

Officieren van de Kustartillerie voor het officiersgebouw op het Fortterrein. Op de voorste rij vlnr Kapitein van Loon (Fortcommandant) Kapitein Koolhaas (commandant Batterij V), Luitenant-Kolonel de Bloeme (commandant Kustartillerie), Kapitein Haeck (commandant Battterij VI), Kapitein Daems (commandant 3e Depotcompagnie Kustartillerie) (Collectie Stichting Fort aan den Hoek van Holland).

Kustartillerie
De Kustartillerie was verdeeld in de 3 pantserkoepels van het fort tezamen met 4 kustbatterijen. Commandant van de Kustartillerie was luitenant-kolonel de Bloeme.

Het Fort
Zoals al in de inleiding beschreven, werd het fort na jaren van leegstand in 1938 weer bezet. Commandant was eerst Kapitein van Dort 1, later volgde kapitein van Loon hem op.
De drie pantserkoepels waren achtereenvolgens de ‘A’ en ‘B’ koepel met ieder 2 kanonnen van 24 L 30 2, en een kleinere ‘C’ koepel met 2 kanonnen van 15 L 30.

In het fort waren gelegerd de bemanning voor de bediening van de koepels, evenals manschappen van het 1e Regiment Genietroepen behorende tot de 14e compagnie pioniers (vernielingsdetachement), en van het 3e regiment Genietroepen behorende tot 2e sectie Zoeklicht afdeling Vesting Holland.
Eén zoeklicht van 200 cm en één van 150 cm waren opgesteld op de noordoever, één van 150 cm opgesteld op de zuidoever. Daarnaast was er nog een zoeklicht van 90 cm in gebruik bij de Mariniers bij Vianda, en stond er op het fort een zoeklicht dat samen moest werken met de Marinebatterij bij de Berghaven. Bevelvoerder van de sectie zoeklichten was 1e Luitenant van Swieten.


Batterij V
Men begon met de bouw van deze batterij 1937. De batterij bestond torenkanonnen van het, uit de zeemacht afgevoerde, pantserschip Hr. Ms. Tromp. Het waren vuurmonden van 15 L 40. Drie van deze vuurmonden werden opgesteld in een torengebouw van beton. Dit was nodig om de munitielift in te kunnen bouwen. De munitielift was een koker, die direct van onder het kanon naar beneden liep naar het munitiemagazijn. Deze koker was zo lang dat er een tussenverdieping gebouwd kon worden waar het personeel kon slapen.

Batterij VI in aanbouw, duidelijk zichtbaar in het midden van de foto. De drie kanonbeddingen zijn klaar, de kanonnen zijn nog niet geplaatst. Links achter de bovenste bedding de vuurleidingspost. De foto is van 23 augustus 1938 (Collectie Nederlands Instituut voor Militaire Historie)

Links achter de gebouwen was een vuurleidingspost gebouwd. Tevens was er een betonnen meetpost bij ‘s-Gravenzande en een op eiland de Beer.
Batterij V had ook een vierde vuurmond die als instructievuurmond in gebruik was. Deze stond op het voorterrein van het fort opgesteld. Er waren plannen om dit kanon aan de batterij toe te voegen, maar daar kwam het wegens het uitbreken van de oorlog niet meer van. Commandant van Batterij V was Kapitein Koolhaas.

Batterij VI
Batterij VI was gesitueerd nabij de semafoor en bestond uit drie verplaatsbare kanonnen van 7 L 40. De kanonnen waren op ijzeren beddingen geplaatst.

Batterij VI en de opstelling van kanonnen (collectie: NIMH)

De munitie werd opgeslagen in betonnen schuilplaatsen uit de Eerste Wereldoorlog die in de nabijheid van de Batterij lagen. De batterijpost en de commandopost bestonden uit houten gebouwtjes bedekt met zandzakken. De commandant was Kapitein Haeck.

Batterij VII en VIII
Deze batterijen waren aan de overkant van de Waterweg op eiland de Beer gesitueerd en hadden kanonnen van 12 L 40. Samen vormden ze de Afdeling 12 L 40 dat onder commando stond van Majoor Zegers.

Batterij VII bestond uit drie kanonnen opgesteld op betonbeddingen, munitiemagazijnen, een commandopost en twee meetpunten, en stond onder bevel van kapitein Verhage.
Batterij VIII bestond uit drie kanonopstellingen op geschutgebouwen met ingebouwd munitiemagazijn, twee meetposten en een commandopost. De batterij stond onder bevel van 2e luitenant Lupgens. Daarnaast was er de 3e Depotcompagnie Kustartillerie, gelegerd bij Waling en van Geest in ‘s-Gravenzande, dat onder leiding stond van Kapitein Daems.
Iedere Kustbatterij had de beschikking over een een tweetal mitrailleurs om op luchtdoelen te schieten. Ook het Fort beschikte over 2 van deze mitrailleurs.

Infanterie
15e Reserve Grenscompagnie
Vanaf de voormobilisatie was de 15e RGC in de Hoek gelegerd. De compagnie beschikte over 8 mitrailleurs. Ze stond onder bevel van de positiecommandant, en moest de kust verdedigen op beide oevers van de Nieuwe Waterweg.

39e Regiment Infanterie
Na de afkondiging van de Algemene Mobilisatie op 28 augustus 1939 kwam een deel van het 39e Regiment Infanterie naar de Hoek. Dit regiment bestond uit een staf geleid door Luitenant-Kolonel Jhr. Snoeck, met daarbij ingedeeld de verbindingsafdeling en de Regimentswielrijderspatrouille.
Er was één Bataljon aanwezig, het II-39RI. Het eerste en tweede Bataljon waren elders gestationeerd. Commandant van dit Bataljon was Majoor Witkamp. Het bestond uit 3 compagnieën, maar de 15e Reserve Grenscompagnie kwam ook onder hun bevel. In totaal hadden zij nu de beschikking over zo’n 40 mitrailleurs. Tevens was er een Compagnie Mortieren bestaande uit 6 mortieren en een Batterij 6 Veld van 4 kanonnen. De mortieren stonden opgesteld in de duinen, van de 4 kanonnen stonden er twee op de Harwichkade, één stuk stond vlakbij Batterij VI en één bij de ingang van het dorp bij de ‘s-Gravenzandscheweg.
Zij moesten beide zijden van de Nieuwe Waterweg verdedigen, maar de 2e compagnie was verantwoordelijk voor het verdedigen van de oostzijde van positie.

De Positie Hoek van Holland op 27 september 1939 (collectie: NIMH)


Luchtdoelartillerie
In de duinen langs de Langeweg lag 1 batterij luchtafweer, de 17 LuA met 3 Vickers kanonnen van 7,5 tl (tl= tegen luchtdoelen). Ze beschikten tevens over luchtdoelmitrailleurs. De batterij stond onder bevel van de Commandant Luchtverdedigingskring Rotterdam/ Den Haag. Over deze batterij is verder niets bekend 3.

Politietroepen
Er was een klein detachement politietroepen bestaande uit een sergeant, twee korporaals en enige soldaten. Zij liepen soms wacht bij het fort en verrichtten verder politietaken.

Totaal

Het totaal aantal officieren, onderofficieren en manschappen dat ingezet kon worden bij gevechten in de Positie Hoek van Holland bedroeg vanaf de algehele mobilisatie in augustus 1939 ongeveer 1700.
De verdeling was als volgt:

  • Marine 200
  • Kustartillerie: ca 600
  • Infanterie ca 700
  • Luchtdoelartillerie 200

Voetnoten
1 Kapitein van Dort werd ontslagen o.a. wegens vermeend drankmisbruik en het maken en niet betalen van schulden. Hij ging er tegen in beroep, met succes. In december 1939 werd hij weer in dienst genomen, maar hij keerde niet terug in Hoek van Holland.

2 De ‘L’ in 24 L 30 staat voor Lang. Een kanon van 24 L 30 heeft een lengte die gelijk is aan 24 cm (de binnendiameter van de loop) maal 30 cm = 720 cm.

3 op 13 mei 1940 kreeg de 17e LuA versterking van de 23 Batterij LuA (3×7,5 tl), de 163e Batterij LuA (3×4 tl)en een batterij 2×2 tl. Dit in verband met het vertrek van de Koningin en het kabinet vanuit Hoek van Holland.


Geraadpleegde bronnen en archieven
Verslag van de gebeurtenissen bij de staf van het Detachement Kustartillerie Hoek van Holland vanaf de mobilisatie tot 15 mei 1940, door commandant van het fort Maasmond kapitein P.C. van Loon
Drs. J.R. Verbeek: Kustversterkingen 1900-1940
Hans Onderwater, Dick Ruis, Piet van Noort, Roland Blok: Oorlog Rond Hoek van Holland 10-20 mei 1940
http://www.zuidfront-holland1940.nl/
https://www.grebbeberg.nl/

Auteur

Deel dit artikel