Go to ...

Historisch Hoek van Holland

Een digitale tijdlijn van het Historisch Genootschap Hoek van Holland

RSS Feed

Gravure over het steken van de eerste spade door Z.K.H. de Prins van Oranje op 31 oktober 1866. Links het directiegebouw van Rijkswaterstaat. Het was de eerste permanente bebouwing van Hoek van Holland en het is in de 2e wereldoorlog afgebroken. Op de voorgrond de beide pieren, voor zover toen gereed.

De Doorgraving van de Hoek van Holland


Op 31 oktober 1866 kwam de Prins van Oranje naar de Hoek van Holland voor het steken van de eerste spade voor de ‘doorgraving van de Hoek van Holland’.
In feite was dit het officiële startsein voor het graven van de Nieuwe Waterweg.

Verzanding van de Maasmond
Als we kaarten van omstreeks 1600 bekijken dan zien we dat de Maas toen een heel brede monding had met op de noordoever ’s-Gravenzande en op de zuidoever Oostvoorne en Den Briel.
In deze brede riviermonding vormden zich ondiepten die stukje bij beetje werden ingepolderd waardoor het eiland Rozenburg ontstond.
Ook ontstond bij ’s-Gravenzande in zuidwestelijke richting een ondiepte die uitgroeide tot een zandbank met hierop uiteindelijk duinvorming.
Deze uitstulping aan het land stond bekend als ‘de Hoek van Holland’, maar ook wel als ‘de Beer’.
Een en ander had tot gevolg dat de mond van de Maas vanaf omstreeks 1740 niet meer bevaarbaar was voor zeeschepen en dat deze moesten omvaren via Haringvliet, Hollandsch Diep, Dordtse Kil en Oude Maas.
Voor zeilschepen was dit een hele onderneming en de reis van zee naar Rotterdam duurde soms weken.

02-maasmond-1746-ws

Kaart van de Maasmond uit 1746. De uitstulping aan het vaste land links is ‘de Beer’ of ‘de Hoek van Holland’ (Isaak Tirion, cartograaf, drukker en uitgever)

Plannen tot verbetering
Al in 1731 was door Nicolaus Cruquius (1678–1754) een ontwerp voor een doorgraving van de Hoek van Holland gemaakt.
Dit plan werd niet uitvoerbaar en te duur geacht en verdween in een la.
In 1830 werd het Voornse Kanaal van Hellevoetsluis naar Nieuwesluis geopend.
Het was een initiatief van Koning Willem I, maar het was al snel te klein vanwege schaalvergroting door de opkomende stoomvaart.
Bovendien ontstonden ondiepten in de mond van het Haringvliet waardoor het kanaal ook moeilijker te bereiken werd vanuit zee.
Op 5 november 1857 werd de Raad voor den Waterstaat benoemd met als opdracht onderzoek te doen naar verbetering van de vaarweg van Rotterdam naar zee.
De raad bracht op 21 augustus 1858 haar verslag uit: doorgraving van de Hoek van Holland, afdamming van het Scheur en de bouw van twee pieren in zee.
Dit plan was ingediend door Waterstaatsingenieur Pieter Caland, lid-secretaris van de raad en was in feite gebaseerd op het plan van Cruquius van zo’n 130 jaar eerder.
Nadat Koning Willem III op 24 januari 1863 de Wet op den Waterweg van Rotterdam naar zee had ondertekend begon men in 1864 met het bouwen van de pieren.
Vanwege onteigeningsprocedures kon de doorgraving van de Hoek van Holland pas op 20 december 1865 worden aanbesteed.

De eerste spade
Toen op 31 oktober 1866 de Prins van Oranje de eerste spade voor de doorgraving stak begonnen de werkzaamheden officieel.

Aardig om te weten is dat voordat de Prins de eerste spade stak, hij zich een paar dagen vanuit de Hilwoning had beziggehouden met de jacht op het Koninklijk Jachtdomein dat zich aan de Hoek van Holland bevond.
De Nieuwe Rotterdamsche Courant van 1 november 1866 schrijft hierover in haar verslag van het steken van de eerste spade:
Ten 12 kwam de prins aldaar van de nabij gelegen Hilwoning, behoorende onder ’t Nieuwland, alwaar Z. K. H. zich reeds een paar dagen ten vertoeve op het jagtveld ophield.

Omdat alles met de hand moest gebeuren kon pas op 26 november 1868 de laatste dam in de doorgraving worden doorstoken.
Er was nu een kanaal met een lengte van 4,5 kilometer, een bodembreedte van 10 meter en een diepte van 2 meter onder laagwater.
Door de uitschurende werking van de getijstroom werd dit smalle kanaal langzaam breder en dieper maar het duurde tot 9 maart 1872 voordat het eerste zeeschip erdoor naar zee kon varen.

Knipsel uit Illustrated London News 1864

Op 9 maart 1872 voer het eerste zeeschip door de doorgraving naar zee, de Harwichboot ‘Richard Young’. Van dit schip bestaan geen afbeeldingen en daarom hier een afbeelding van de vergelijkbare Harwichboot ‘Avalon’ (‘Illustrated London News’, 1864, collectie H. van der Lugt)

Tegenslag
Probleem was echter dat het weggespoelde zand voor de pieren een zandbank vormde, de Westbank, waardoor veel meer gebaggerd moest worden dan men had gedacht. Eind 1877 waren de totale kosten 12.820.531 gulden terwijl er 6,3 miljoen was geraamd.
Uiteindelijk had de Waterweg pas in 1896 de bij wet van 1863 vastgestelde diepte.
Toen waren de totale kosten 36 miljoen gulden; zes keer de oorspronkelijke raming.

Opmerking
De Doorgraving van de Hoek van Holland wordt uitgebreid beschreven in een tentoonstelling in het Keringhuis bij de Maeslantkering.
Deze tentoonstelling is ingericht door Rijkswaterstaat en tot stand gekomen mede op initiatief en dankzij een grote bijdrage van de stichting Historisch Genootschap Hoek van Holland.

Zie: Website Keringhuis

Bronvermelding:
Diverse kranten
Archief Henk van der Lugt

Meer verhalen over Havens

About Henk